NGC krijgt meer informatie bij tweede consultatiemissie

De Nationale Grens Commissie (NGC) heeft tijdens de tweede consultatiemissie aan de oostgrens veel informatie verzameld over zienswijzen van de lokale bevolking met betrekking tot de grens. De commissie had op woensdag 27 maart een krutu in Albina met het traditioneel gezag van Inheemse en Afro Surinaamse gemeenschappen uit dorpen vanaf Galibi, aan de monding van de Marowijne tot Loca Loca. Het ministerie van Regionale Ontwikkeling faciliteerde de missie.

De NGC heeft ondertussen al twee keren overleg gepleegd met de Franse grenscommissie. Echter zal het derde overleg pas plaatsvinden wanneer de visie van de traditionele gezagdragers langs de Marowijne- en de Lawarivier duidelijk is voor de commissie. De NGC zal binnenkort een krutu beleggen met de granmans uit die gebieden.

Alvorens tot de werkelijke vaststelling van de grens te komen met de Fransen, vindt de NGC de betrokkenheid van de grensbewoners van belang voor het identificeren van onder andere Surinaamse eilanden in de rivier.

Commissievoorzitter ambassadeur Harold Kolader zegt dat er eerst gewerkt moet worden aan een amendement waarin de grens goed beschreven zal worden en hoe de rivier gebruikt moet worden. Ook moet er in dat amendement opgenomen worden hoe Suriname en Frans-Guyana dienen te handelen op de grensrivier.

Daarna moet er aldus de commissievoorzitter gewerkt worden naar een definitief grensverdrag waarin alles is opgenomen, inclusief de economische activiteiten op de rivier en de spelregels en jurisdicties die daarbij van toepassing zullen zijn. Kolader vindt het ook van groot belang dat bij het grensverdrag het milieu-aspect wordt meegenomen.

Naast de leden van de grenscommissie, het traditioneel gezag en de delegatie van het ministerie waren ook de districtscommissarissen Margaretha Malonti (Sipaliwini / Pamaka), August Bado (Sipaliwini / Tapanahony) en Kenya Pansa (Marowijne /  Zuid-Oost) aanwezig.

Comments

mood_bad
  • No comments yet.
  • Add a comment