STREI! heeft een vraag voor ‘moderne’ politicologen

Voor het bouwen van een huis schakelen we specialisten in: een architect voor de tekening, aan wie we uitleggen wat we willen, zodat de indeling en het uiterlijk naar onze wens is. Hoe hoog het gebouw, en hoeveel kamers, natte en droge ruimtes en eventuele uitbreidingsmogelijkheden voor de toekomst. Een aannemer die de werkelijke bouw laat uitvoeren en controleert of dat op de juiste wijze geschiedt. En binnen het budget. Als het fundament niet goed is berekend, zullen de muren scheuren en het bouwwerk zal scheef staan, verzakken en tenslotte instorten.

Hetzelfde geldt voor het bouwen van een Staat. Daarvoor is er een goed fundament nodig. De Staat garandeert de rechtszekerheid van het volk en zorgt voor bescherming van de burgers. Al deze fundamentele zaken worden vastgelegd in de grondwet. Dit is de wet die garandeert dat elke burger dezelfde rechten heeft en niemand boven die wet staat.

Helaas is in de Surinaamse grondwet niet voorzien dat de burgers dezelfde rechten hebben. Sterker: de grondwet zorgt voor een fundamentele ongelijkheid tussen de burgers, welke permanent en eindeloos is, zonder beperking. In het kiesstelsel worden burgers met superstemrecht gecreëerd in de mate van zelfs 10x dat van andere burgers. Dit laat zich goed afmeten aan Coronie. Daar zijn er 827 mensen, die samen goed zijn voor 1 zetel. Terwijl er in Paramaribo 6600 stemmers moeten opdagen voor 1 stoel in DNA.

Dan rijst de vraag die aan onze politicologen en bestuurskundigen gesteld kan worden: hebt u werkelijk deze schending van het gelijkheidsbeginsel gemist? Kon u niet voorzien dat deze ongelijkheid onherroepelijk leidt tot corruptie van zowel de burgers als de politici? Het voorbeeld is niet zo ingewikkeld: als ik 2 opties heb om hetzelfde product te verkrijgen, zal ik altijd kiezen voor het minste werk. Dat geldt dus ook voor de DNA-zetels binnen het huidige stelsel.

Omgekeerd zijn de superkiezers er inmiddels aan gewend geraakt dat ze rond de verkiezingstijd hoge eisen kunnen stellen. Zelfs als oplossingen helemaal niet overeenkomen met de duurzaamheid en kwaliteit van het beheer van hun district, willen ze zaken op korte termijn toch geïmplementeerd zien, denk aan het repareren van een weg of de schenking van een buitenboordmotor. Op deze ‘cadeautjes’ wordt gerekend, zeker in een tijd dat prijzen onbetaalbaar zijn. Ze lenen zich graag voor favoritisme, en de politici kopen maar al te graag om. Daarom lijkt het ook alsof de partij met het meeste geld, het meeste met presentjes kan strooien en daarom ook met de grootste blijdschap binnen wordt gehaald. De rijkste politici hebben dus het meeste voordeel bij dit onevenredige kiesstelsel en zullen absoluut geen moeite doen om dit te wijzigen.

In een dergelijke omgeving zien we dat bij elke volgende cyclus de corruptie toeneemt. De cadeautjes worden steeds waardevoller. De burgers die buiten deze zones vallen, zouden moeten weigeren om mee te werken aan deze vorm van discriminatie die hun geld kost. De samenleving valt als gevolg van dit stelsel uiteen in kleine belangengroepen die geen boodschap hebben aan de Staat. En wat erger is: niet aan elkaar. Er wordt niet samengewerkt en elke groep wil niet het optimale, maar het maximale voor zijn districtsproduct. De grondwet die ons bijeen zou moeten brengen, drijft ons juist uit elkaar en corrumpeert ons allemaal. We moeten dus terug naar de schrijvers van die grondwet en aan hen vragen waarom er een grondwet vol ongelijkheid is opgezet, zonder condities in te bouwen voor een pad naar een eerlijke en gelijke samenleving. Of kennen onze wetgevers deze begrippen niet?

Moderne staten behoren egalitair te zijn, dus gelijkheid nastrevend: een man-een stem. Politieke wetenschappen bestaan uit vaste basistheorieën, maar ze veranderen ook mee met de inzichten die de geschiedenis oplevert. Laten we leren van wat er mis is gegaan, in 1975, 1987 en in 1992. Elke tien jaar zou er geëvalueerd moeten worden en gekeken of de demografische verschuivingen (door verhuizingen naar de stad of de nieuw geborenen binnen een district) rechtvaardigen om het kiesstelsel aan te passen.

STREI! vraagt de politicologen, de moderne dus, modellen uit te zetten voor een natie die wel eerlijk en gelijk is voor alle Surinaamse burgers.

Comments

mood_bad
  • No comments yet.
  • Add a comment